Actueel

Overspeelt Saoedi-Arabië zijn hand?

Op 5 juni werd de steenrijke oliestaat Qatar door een aantal buurlanden en Egypte in de ban geslagen wegens hun rol in de jihadistische terreur. Of de motieven achter die sanctie zo zuiver zijn is nog maar de vraag.

Saoedi-Arabië, Bahrein, de Verenigde Arabische Emiraten en Egypte schortten op 5 juni hun relaties met Qatar op. Deze strafexpeditie maakt deel uit van de machtsstrijd tussen ‘ancien regimes’ zoals Saoedi-Arabië en Egypte, onruststokers zoals Qatar en Turkije en het zogenaamde ‘sjiitische blok’ onder leiding van Iran. Wat bezielt Saoedi-Arabië om uitgerekend nu de regio geteisterd wordt door oorlog en de verwoestende kracht van IS een diplomatieke oorlog te ontketenen? Het huis van Saud handelt in elk geval niet uit bekommernis om de internationale stabiliteit. Na het bezoek van president Trump zag het zijn kans schoon om af te rekenen met het opstandige Qatar. Dit schatrijke oliestaatje heeft immers geen plaats in de internationale orde zoals uitgetekend door de VS en hun regionale bondgenoten Saoedi-Arabië en Israël.

Onrustwekkender is dat deze cynische zet niet op luid internationaal protest wordt onthaald. Niet zozeer protest om morele redenen. Daarover moeten we ons weinig illusies maken: het vrijgeleide dat Saoedi-Arabië krijgt om Jemen te vernielen toont hoe de VS en sommige Europese landen economische belangen steevast laten voorgaan op internationaal recht en langdurige stabiliteit. Nu zou er protest moeten zijn omwille van de strijd tegen terreur en de indamming van gewelddadige jihadistische groeperingen, doelstellingen die het Saudische Koninkrijk beweert te delen met zijn Westerse bondgenoten.

Deze Saoedische zet heeft echter niets te maken met de strijd tegen terreur, ook al zijn de sancties overgoten met een sausje van contraterreur. Qatar zou met zijn steun aan de Moslimbroeders, Hamas en zijn relaties met Iran het bedje spreiden voor jihadistisch geweld. Het ambitieuze oliestaatje zag de start van de Arabische protesten in 2011 als een opportuniteit om de bestaande orde te ontwrichten, het promoot het ultraorthodoxe salafisme en verleent steun aan islamistische groeperingen. Zo trokken de leiders van Hamas na de start van de Syrische protesten tegen Assad richting Doha. Maar het is absurd dat Saoedi-Arabië dit als rechtvaardiging gebruikt en bijval krijgt van president Trump die deze stap tegen ‘radicale ideologie’ toeschrijft aan zijn tussenkomst.

Saoedi-Arabië mag dan sinds 2011 de strijd aanbinden met de Moslimbroeders, het draagt zelf al decennialang bij aan de verspreiding van gewelddadig jihadisme, onder meer als ideologische sponsor van het wahhabisme. “Saoedi-Arabië is de Islamitische Staat die het haalde” meent de Frans-Algerijnse schrijver Kamel Daoud. Hij verwijt het Westen dat het zich blindstaart op de effecten van terreur zonder de oorzaken, zoals de rol van het religieus-industriële complex Saoedi-Arabië, aan te pakken.

Uit angst voor zijn militaire operaties was het Pentagon er na de tweets van Trump als de kippen bij om Qatar te prijzen voor zijn inzet voor de ‘regionale stabiliteit.’ Vanuit de luchtbasis Al-Udeid voeren de VS operaties uit tegen IS in Syrië en Irak. Het Pentagon kan zich niet permitteren dat een narcistische president uit onwetendheid de Amerikaans geleide oorlog tegen terreur (waar veel op aan te merken valt) verder ondermijnt. Bovendien zal Qatar terugbijten: door zijn grote oliereserves heeft het veel vrienden. Het getouwtrek om de macht in de regio is verre van voorbij: zonder internationaal staatsmanschap beloven de komende jaren weinig goeds.

Brigitte Herremans, medewerker Midden-Oosten Broederlijk Delen-Pax Christi Vlaanderen.

Dit artikel is het derde in een reeks opiniestukken voor dS Avond/de Mening. Het verscheen op 8 juni 2017. Lees de dS-versie van het artikel (voor abonnees)

Foto: Skyline van Doha (Qatar)/Y Nakanishi/Creative Commons.